Moeder praat met haar puber over een grens en zegt 'nee'

Nee zeggen tegen je puber betekent niet dat je de verbinding verliest

Nee was een woord dat niet voorkwam in mijn woordenboek. Ik kon geen nee zeggen en toen ontdekte ik dat dat patroon ook bij mijn puber een rol speelde.

 Ik dacht het soms wel, die ‘nee’, maar het uitspreken naar de ander deed ik bijna niet. Niet dat ik me daar echt van bewust was trouwens, want ik zei ja vanuit mijn hart. Omdat ik de ander wilde helpen. Wilde helpen met een klusje, een project of verhuizen. Last minute dat drankje mee ging doen, of iets moet voorbereiden. Ik was altijd van de partij, ik zei altijd ja. Toen dacht ik dat dat ook was wat ik wilde, maar eigenlijk gaf ik mijn grenzen niet goed aan.

Terugkijkend zei ik wel heel vaak ja.

Ook als mijn lichaam nee zei.

Mijn hoofd moe was.

Ik geen tijd had.

Soms omdat ik de ander niet teleur wilde stellen.

Soms omdat ik FOMO had

Vaak omdat ik wilde dat de ander me leuk vond.

Onderliggend: Omdat ik de ander nodig had om mezelf leuk te vinden.

Het gevolg?

Ik werkte veel, deed teveel, voelde me schuldig als ik toch eens nee zei, in plaats van dat ik blij was dat ik mijn grenzen aangaf. Ik was zo moe, dat niets meer leuk voelde en ik eigenlijk ineens tegen alles nee wilde zeggen, omdat ja geen optie meer was. Het was zo erg, dat ik uitviel door een burn-out. En toen waren mijn kinderen nog niet eens pubers…

Geen nee zeggen was jarenlang mijn patroon

Het is nu jaren later. Nog steeds is het niet altijd gemakkelijk om nee te zeggen. Pas deed ik het, ik zei NEE tegen iets dat voor mij super groot voelde. Ik had zo zorgvuldig mijn woorden gekozen en het bij mezelf had gehouden, maar sommigen snapten het niet en daar baalde ik van. Ik voelde me weer even klein, niet leuk genoeg. Iets later kreeg ik een appje van een vriendin “Ik vind het zo prachtig en krachtig hoe je steeds meer voor/achter jezelf gaat staan en keuzes maakt die voor jou passend zijn.”

Dat maakte me weer duidelijk dat ik, vanuit mijn hart, de keuzes maak die voor mij kloppen. Dat mijn grens, mijn keuze, mijn NEE, super krachtig en waardevol is, maar dat ik de enige ben die mijn grenzen kan aangeven. Dat de ander het niet altijd begrijpt is jammer, maar doet niets af aan mijn recht om nee te zeggen. Om voor mezelf te kiezen. En heel eerlijk, het blijft soms lastig, hoewel het steeds gemakkelijker wordt.

‘NEE’ zeggen tegen je puber is weer iets heel anders

Want toen ik eenmaal beter leerde om mijn eigen nee serieus te nemen, zag ik ook hoe ingewikkeld dat kan zijn als het om je kind gaat. Want wat doe je als je puber iets wil en jij eigenlijk meteen voelt: nee? Je wilt geen boze puber in huis of dat je kind teleurgesteld is. Je wilt niet dat je kind denkt dat jij moeilijk doet. En misschien ben je ook bang dat je de verbinding met je puber verliest als je te streng bent.

Dus zeg je toch ja. Of je zegt eerst nee en gaat daarna zo lang onderhandelen dat er van je oorspronkelijke grens weinig meer over is. Niet omdat je geen grens hebt. Maar omdat je het lastig vindt om bij die grens te blijven als je kind daar iets van vindt.

Waarom ‘nee’ zeggen zo lastig kan zijn

Als therapeut zie ik dit patroon bij veel mensen terug. “Nee” zeggen voelt ongemakkelijk omdat we:

  • aardig gevonden willen worden.
  • hebben geleerd dat anderen helpen belangrijker is dan onze eigen grenzen.
  • verantwoordelijkheid verwarren met oververantwoordelijkheid.
  • bang zijn dat de ander teleurgesteld of boos wordt.

En bij je kind komt daar nog iets bij. Je houdt van je kind. Je wilt dat het goed met hem of haar gaat en dat je in verbinding blijft. En als je kind boos, verdrietig of teleurgesteld reageert op jouw nee, dan voelt die verbinding niet stevig meer. Maar de reactie van je kind maakt jouw grens niet ineens verkeerd. Een nee tegen je kind is niet hetzelfde als afwijzing. Je puber hoeft het niet leuk te vinden dat jij nee zegt, mag er boos om worden en het ermee oneens zijn. Je hoeft er niet eens voor te zorgen dat je kind jouw keuze begrijpt of ermee instemt. Jouw taak is niet om iedere teleurstelling bij je kind weg te nemen. Soms moet je gewoon een ouder zijn die een grens stelt.

Je kunt luisteren naar wat je kind belangrijk vindt. Je kunt uitleggen waarom jij iets niet wilt. Je kunt samen kijken of er een andere oplossing is. Maar uiteindelijk mag er ook gewoon een nee blijven staan. Sterker nog: juist als jij je eigen grenzen serieus neemt, leert je kind dat grenzen er mogen zijn. Ook als iemand anders daar niet blij mee is.

Grenzen geven je puber duidelijkheid

Als jij altijd maar ja zegt, dan denken de mensen om je heen dat je ok bent met die ja. Dat je het – bijvoorbeeld – leuk vindt om een bepaald klusje te doen, aangezien je altijd ja zegt. Maar wat als je het eigenlijk strontvervelend vindt maar je dat nooit zegt?

Hoe zou jij het vinden als je erachter komt dat een vriendin die altijd jouw ramen lapt waarvan je DACHT dat ze het leuk vond, bekend dat ze er net zo’n gruwelijke hekel aan heeft als jij. Ben je dan blij met haar ja alle vorige keren?

Hetzelfde geldt voor je puber. Als jij steeds ja zegt terwijl je eigenlijk nee bedoelt, leert je kind niet waar jouw grens ligt. En als je de ene keer nee zegt en na genoeg aandringen toch ja, leert je kind misschien vooral dat jouw nee het begin van een onderhandeling is. 

Duidelijkheid is niet hetzelfde als streng zijn

Jij bent verantwoordelijk voor jouw grens. Niemand anders gaat jouw grenzen voor je bewaken. Niemand anders gaat zeggen dat iets (nog) niet kan of dat je het niet (meer) leuk vindt. Zeker je puber niet. Dat moet je zelf doen.

Hoe zeg ik nee zonder schuldgevoel?

Nu je dit weet, hoe kan je dit dan inzetten in de praktijk?

  1. Stop vóór je antwoord geeft

Wanneer iemand iets vraagt, zeg niet meteen ja. Zeg: “Mag ik even nadenken? Ik kom er zo op terug.” Het creëert ruimte tussen de vraag en jouw automatische reactie.

Dat geldt ook voor een vraag van je puber. Je hoeft niet meteen te reageren op een vraag die je overvalt.

  1. Check: wil ik dit écht?

Vraag jezelf:

  • Heb ik hier tijd voor?
  • Kost dit mij energie, of levert het iets op?
  • Doe ik dit uit verplichting of vanuit keuze?
  • Zeg ik ja omdat ik dit echt wil, of omdat ik bang ben voor de reactie op mijn nee?
  1. Nee zeggen zonder uitleg

Bijvoorbeeld:

  • “Dank je dat je aan me denkt, maar dat lukt me deze week niet.”
  • “Ik wil je graag helpen, maar ik kan dit nu niet op me nemen.”
  • “Nee, dit past niet in mijn planning.”

Korte, heldere zinnen. Geen excuses nodig. En zeker tegenover je puber hoef je geen pleidooi van twintig minuten te houden om je nee te rechtvaardigen.

Je hoeft niet ieder gesprek met je puber te winnen

Maar als je voelt dat iets voor jou echt een grens is, probeer die dan niet weg te geven omdat je kind boos wordt. Je kind mag het oneens zijn. Jij mag bij je nee blijven. Een nee tegen je kind is niet hetzelfde als de verbinding verliezen.

Kun je nog steeds geen nee zeggen?

Weet dat je nee zeggen kunt leren. Zoals ik hierboven begon, altijd maar ja zeggend, zo heb ik geleerd dat ik vanuit liefde voor mezelf nee mag zeggen. Want het is geen karaktertrek om je grenzen aan te geven, het is een vaardigheid die je kan leren, trainen en versterken. Het gaat de eerste keren vast niet vlekkeloos, maar het kan.

Mijn eigen ervaring bewijst dat het mogelijk is. Begin met iets heel kleins: niet meteen ja zeggen. Eerst voelen wat jij eigenlijk vindt. En dan voelen of het antwoord ja of nee is.

Wanneer je leert nee te zeggen, krijg je iets terug dat onbetaalbaar is. Want een nee tegen je puber betekent niet dat je de verbinding verliest. Je hoeft niet te voorkomen dat je kind teleurgesteld of boos wordt. Je hoeft alleen niet van die boosheid jouw ja te maken.

Wil jij dat ook? 

Deel dit blogbericht

gerelateerde blogposts